De Saab 900 Cabriolet, een echt Zweedse icoon!
Jaap Varkevisser is al 27 jaar een gedreven Saabrijder. De interesse in de techniek vindt zijn oorsprong bij zijn opleiding als scheepswerktuigkundige in Vlissingen, want de 900 Cabriolet heeft een bijzondere motor in het vooronder, maar daarover later.
Tekst Rob Strating | Foto’s Jaap Varkevisser
Ik laat hem eerst eens even aan het woord: “Mijn vader was champignonkweker en botenbouwer. We woonden aanvankelijk in Wassenaar, later in Oost-Souburg en hij reed een DKW F8 cabriolet, waar we maar wat graag in mee mochten rijden, soms zelfs met z’n zessen. Ik ben er van overtuigd dat de socialisatie van mijn vader heeft geleid tot de aanschaf van mijn eigen cabriolet. Ik was aanvankelijk op zoek naar een Jaguar E-Type, totdat ik 27 jaar geleden de Saab 900 Cabriolet ontdekte in New Yersey in de USA. Hij had slechts 30.000 mijl gereden en was ongerestaureerd. Hij is van 1989 en daarmee nog een échte Saab, want een jaar later werd General Motors voor 50% eigenaar van Saab en daarmee zou er veel gaan veranderen… De 900 Cabriolet was in de tijd dat hij geproduceerd werd al een neo-klassieker die niet goedkoop was, namelijk 120.000 gulden! Notarissen, architecten en artsen behoorden bijvoorbeeld tot de vaste clientèle, niet alleen vanwege zijn exclusiviteit, maar zeker ook vanwege zijn spreekwoordelijke betrouwbaarheid
Waarom Amerika? De Amerikaanse Sunroof Company in combinatie met de Saabimporteur in de States was mede verantwoordelijk voor de realisering van de Saab 900 Cabriolet, helemaal naar de filosofie van de Saabtechnici: een op zichzelf staand model en niet een 900 waar het dak afgehaald is. Al in 1993 was het prototype klaar en men mikte bij Saab vooral op die Amerikaanse markt. Het eerste exemplaar liep in het Finse Uusikapunki van de band en er zouden er nog vele volgen, 48.888 stuks tussen 1986 en 1993. Ik viel voor dit model dat helemaal voor de Amerikaanse eisen was aangepast. Veel Europese auto’s die naar Amerika werden verscheept, werden van lelijke, onnatuurlijke bumpers voorzien, maar deze Saab bezit een harmonisch lijnenspel dat begint bij zijn zogenaamde ‘zalmneusje.’
Hij is voorzien van alle opties die je maar kunt krijgen, alleen heb ik hem een paar maal van een nieuwe linnen kap laten voorzien. Als ik helemaal open rijd, is de kap opgeborgen onder een driedelige kunststof hoes, heel netjes gemaakt. De kap is op zich al een exotisch mooi exemplaar en eigenlijk is deze Saab een 4-seizoenen cabrio, want de klimaatbeheersing bij een gesloten kap is berekend op strenge vorst, een typische eigenschap van Zweedse automobielen.
Ik ben trouwens met mijn auto in onderhoud bij Autobedrijf Peter Haaima in Barneveld, dé Saabspecialist van Nederland, want inmiddels heeft hij 250.000 kilometer gereden en ik wil hem in topconditie houden!”
Historie
De firma Saab werd in 1937 in Zweden opgericht. Zoals de naam ‘Svenska Aeroplan Aktiebolaget’ al zegt, was het een vliegtuigfabriek, maar na de oorlog is men ook auto’s gaan bouwen met veel vliegtuigtechnieken. De allereerste Saabs, de 92 tot en met de 96 hadden een DKW tweetaktmotor en later een Ford V4. In 1968 kwam de 99 uit met een Triumph-motor die door Saab gaandeweg werd verbeterd. De bijzondere viercilinder 16-klepper uit de Triumph Dolomite vormde de basis voor de eerste turbo aangedreven benzine-motor ter wereld. Saab had daarmee een primeur op de IAA in 1977 in Frankfurt.
Onderweg
Ook de 900 Cabriolet van Jaap Varkevisser is van zo’n bijzondere turbomotor met full pressure voorzien. Jaap zegt hierover: “De 1971 cc grote viercilinder 16-klepper is voorzien van een Garrett uitlaatgasturbo en hij heeft 170 pk met een koppel van 273 Nm. Hij bezit een Bosch inspuitsysteem en is voorzien van een katalysator. Hij trekt in 9 seconden naar de honderd en heeft een topsnelheid van meer dan 220 km/h.
In de praktijk zorgt de turbo ervoor dat hij bij lage toeren al een enorme trekkracht heeft en dat levert een mooie soepele rijwijze op. Als je open rijdt, hoor je dat bijzondere donkerbruine uitlaatgeluid waarvan ik mateloos kan genieten. Als je over een slechte weg rijdt, valt op dat de Cabrio nauwelijks tordeert, het koetswerk is mooi stijf gemaakt, een gevolg van die aparte genoemde bouwwijze.
Het interieur is ook zó typisch Saab met het instrumentenpaneel dat een beetje naar de bestuurder is gedraaid met klokken die in één oogopslag vertellen hoe snel je rijdt en met welk toerental. Nóg zo’n typisch Saabornament is de gebogen voorruit, waarbij de A-stijlen opzettelijk naar achteren zijn geplaatst, zodat je een vrij zicht hebt, een technisch hoogstandje uit de vliegtuigindustrie. De grote stoelen zitten perfect en de materiaalkeus van het interieur is hoogwaardig chique. Het is een reisauto pur sang, want hij is ongekend comfortabel en op bochtige weggetjes stuurt hij aangenaam licht.
Kortom een exclusieve en charismatische cabriolet die uitstekend bij mijn vrouw en bij mij past!”