Ernesta Verburg verliet Zeeland om in Engeland aan de slag te gaan in de wereld van renpaarden

Ernesta Verburg verliet Zeeland om in Engeland aan de slag te gaan in de wereld van renpaarden. Ze sloot zich aan bij het team van Martin Keighley Racing, waar ‘Ernie’ verantwoorde-lijk was voor het fotograferen en verzorgen van toppaarden. Sinds een jaar werkt ze voor Nigel en Willy Twiston-Davies; een grotere stal, maar in dezelfde buurt. Hoe is het leven aan de andere kant van de plas?

“Hoewel de maan hier soms best wel door de bomen schijnt, wordt er nooit op een deur geklopt op 5 december. Geen kruidnootjes, pepernoten of marsepein in de winkels, geen intochten, surprises of vol verwachting kloppende hartjes. Hemelsbreed is het minder dan 500 kilometer naar het westen, maar als het weer herfst wordt, lijkt het verder in tijd en afstand. Dan krijg ik nostalgische neigingen naar Sinterklaas, erwtensoep, de gezellige koop-avonden in Zierikzee en Hollandse programma’s op de buis. Gelukkig is er hier ook iets om naar uit te kijken in de donkere dagen: kerst. Vanaf eind september liggen de kerstchocolade, kerstkoekjes, kerstzoutjes en kerstkaarten al in de schappen. Het aanbod wordt elke week wat uitgebreider en na Halloween barst het echt overal los.


Tussen steengroeven en renpaarden

Sinds vijf jaar woon en werk ik weer in Engeland, in dezelfde sprookjesachtig mooie streek als dertig jaar geleden: de Cotswolds, officieel een Area of Outstanding Natural Beauty. Een gebied met glooiende heuvels, droogstenen muurtjes en huizen van de lokale honingkleurige steen, met dorpjes waarvan je vermoedt dat ze al eeuwenlang hetzelfde zijn. Tussen de steengroeven en schapen is er ook een aantal stallen met renpaarden. Het hier bergop trainen is effectief en geeft minder kans op blessures. Een handige bijkomstigheid is dat er relatief veel mensen wonen die zich een renpaard kunnen veroorloven, dus heb ik het geluk dat ik hier mijn brood kan verdienen. Op onze stal staan zo’n honderd paarden, allemaal Engelse volbloeden die over hindernissen koersen – zowel horden als steeplechases. De gemiddelde waarde van elk paard ligt in de tienduizenden euro’s, waar ik gelukkig ’s ochtends nooit aan denk als ik ze rijd. Het seizoen 2025-2026 is weer net op gang, met de grootste koersen tussen oktober en april. Hoogte-punten zijn het Cheltenham Festival in maart en de Grand National in april. Ook dit jaar hopen we paarden aan deze races mee te laten doen; dit is de tijd waarin al onze dromen nog volop leven. Er zijn 59 renbanen in het Verenigd Koninkrijk en élke dag, behalve Eerste Kerstdag, zijn er ergens koersen, zodat mensen kunnen wedden. Dankzij die wed-cultuur is er media-aandacht, wat weer sponsors aantrekt en prijzen-geld oplevert. De eerste prijs voor een gewone door-de-weekse koers bedraagt zo’n 4.000 tot 5.000 euro, maar dit kan oplopen tot maar liefst enkele honderdduizenden euro’s  bij de grote races. Een paard een jaar in training houden kost al gauw 30.000 euro, dus voor de meeste eigenaren is het vooral een dure hobby.

Publeven, wandelpaden en beroemdheden

In deze streek, met hoge huizenprijzen, wonen relatief veel vermogende mensen. Sommigen zijn behoorlijk upper class, anderen verdienen hun geld in Londen en hebben hier een buitenverblijf. We hebben dan ook een hoge dichtheid aan blondines in schone 4×4’s, antiek-winkels, beroemdheden (hoewel ik die niet dagelijks in het wild tegenkom), bio-logische producten (goed aan de prijs), gastropubs en toeristen – inclusief de Amerikaanse vicepresident afgelopen zomer. Ook Jeremy Clarkson’s boerderij en pub, bekend van de serie Clarkson’s Farm, liggen hier vlakbij. Gelukkig zijn er ook gewone pubs, jaarlijkse dorpsfeesten, open tuinen en talloze voetpaden. Die voetpaden moeten hier open en onderhouden blijven en lopen vaak over akkers en privéterrein. Een geweldige manier om de omgeving te verkennen, het is echt een wandel-walhalla. De grap is wel dat wat wij een berg noemen, hier een heuvel is, terwijl een gemiddeld Zeeuws slootje hier al snel wordt bestempeld als een rivier inclusief naam. Eén probleem: het strand en de zee zijn wel ver weg…”