Uniek wonen in een ontwerp met vrije compositie van vlakken
Aan de rand van Ouddorp op Goeree-Overflakkee staat een woning die zich niet eenvoudig laat vangen in één stijlomschrijving. Het huis heeft een pure, krachtige uitstraling en voelt tegelijkertijd diep geworteld in zijn omgeving. ‘Wereldarchitectuur meets Oudorp’, zo omschrijft architect Steven van Kooten de woning die hij ontwierp.
Tekst Ella Maria Beekman | Foto’s Limit Fotografie
Hij werd geïnspireerd door het iconische Barcelona Pavilion van Ludwig Mies van der Rohe, maar evengoed door de directe omgeving. Net als in het beroemde paviljoen draait het hier om ruimtelijkheid, zichtlijnen en de kracht van eenvoud. Toch is de woning allesbehalve een letterlijke vertaling van die architectuur. Juist de subtiele verwijzingen naar de directe omgeving geven het ontwerp een eigen identiteit. De zwarte planken aan de gevel verwijzen bijvoorbeeld naar de boerenschuren in de omgeving. In nauw overleg met de toekomstige bewoners creëerde Van Kooten dit bijzonder huis, waarin over alles is nagedacht.
Ruimtelijkheid, zichtlijnen en de kracht van eenvoud
Wat direct opvalt, is dat de woning breekt met de klassieke opzet van een woonhuis. Waar een ‘normaal’ huis ontworpen wordt als een rechthoek met gevels en een dak, is deze woning een compositie van losse, strakke vlakken. Dat geeft een Mondriaan-achtig effect.
De vlakken lopen door in de tuin en zorgen voor een natuurlijke overgang naar het landschap eromheen. De entree is bewust verborgen gehouden achter een relatief gesloten voorgevel. Het huis geeft niet direct alles prijs en waarborgt maximale privacy voor de bewoners. Pas binnen ontvouwt zich de ware ruimtelijkheid van het ontwerp. In de woonkamer en keuken overheersen licht, lucht en openheid. Grote glaspartijen, strategisch geplaatste doorkijkjes en verschuivende zichtlijnen zorgen ervoor dat de woning voortdurend van karakter verandert terwijl je erdoorheen beweegt.
Het project kwam tot stand in intensieve samenwerking met de bewoners, die zelf een bouwkundige en design-achtergrond hebben en met een duidelijke visie aan tafel kwamen. Samen werd gekozen voor houtskeletbouw. Een nadrukkelijke wens van de bewoners was een industriële uitstraling waarbij techniek en constructie zichtbaar mochten blijven. En dus werd niets verstopt. Balklagen, staalconstructies en installaties blijven volledig in het zicht.
Waar in veel woningen plafonds en afwerkingen juist bedoeld zijn om techniek te verhullen, vormt die techniek hier een integraal onderdeel van het interieur. Dat vraagt om uiterste precisie. Want zichtbaarheid kan al snel rommelig ogen wanneer er geen heldere structuur aanwezig is. Om die reden ontwierp Van Kooten een streng grid van 61 bij 61 millimeter waarop alle balken en constructieve elementen exact zijn uitgelijnd. Dat ritme brengt rust in het interieur en geeft de woning een bijna grafische helderheid. Iedere lijn klopt, iedere aansluiting voelt bewust ontworpen.
De gehele woning is gelijkvloers en drempelvrij ontworpen. Omdat hoogteverschillen in vloeren ontbreken, koos de architect ervoor om juist met dakhoogtes te spelen. De woonruimte en keuken kregen een indrukwekkende vrije hoogte van 3,5 meter. In de andere delen van de woning van de woning werd gekozen voor een intiemere hoogte van 2,5 meter, waardoor een subtiel contrast ontstaat tussen openheid en geborgenheid. Die balans tussen open en gesloten vormt sowieso een terugkerend thema in het werk van Van Kooten. Zijn architectuur draait om ruimtelijke verrassing, slimme zichtlijnen en een bijzondere lichtval. Daarbij staat functionaliteit altijd in dienst van beleving. Lange gangen of overbodige vierkante meters krijgen geen kans. Iedere ruimte heeft een doel en iedere meter draagt bij aan de totale woonervaring.
Daarnaast speelt materiaalgebruik een hoofdrol in zijn ontwerpen. Van Kooten werkt het liefst met pure, eerlijke materialen die tonen wat ze werkelijk zijn. Hout mag hout zijn, beton beton en steen gewoon steen. Geen kunstmatige imitaties of oppervlakkige luxe, maar krachtige eenvoud. Juist die oprechtheid geeft de woning haar tijdloze karakter.
Hoewel de woning niet expliciet werd ontworpen als een typisch kusthuis, is er wel degelijk rekening gehouden met het klimaat en landschap van de kustregio. Zo werd gekozen voor zink als gevelmateriaal vanwege de sterke bestendigheid tegen weersinvloeden. Ook de bezonning is nauwkeurig bestudeerd. Grote overstekken houden de felle zomerzon buiten, terwijl in de winter juist optimaal gebruik wordt gemaakt van natuurlijk licht.
Het resultaat is een woning waarin architectuur, comfort en omgeving op vanzelfsprekende wijze samenkomen. De strakke vormentaal en doordachte indeling sluiten mooi aan op de rust en openheid van Goeree-Overflakkee. Geen huis dat nadrukkelijk om aandacht vraagt, maar juist opvalt door de heldere lijnen, slimme keuzes en het eerlijke gebruik van materialen.